November 2003

 

Toen ons Daimke geboren was, stuurde

Maria ons een geboortekaartje.

 

 

 

  

Ronde wazige blauwe ogen staren

Wanhopig op uit het rieten mandje.

Hou van mij, zeggen ze, voed mij,

Hou mij warm, zorg voor mij.

 

 

En nu, nu ligt Daimkes boek naast me. Ons nieuwe boekenkindje, Spinnende Bengeltjes. Ik voel dat ze nog wat onwennig en gespannen is. Het is ook niet niets, zo de wijde wereld ingestuurd te worden. Maar ook kijkt Daimke me vanaf de kaft vol vertrouwen aan. ‘Kijk eens wat ik  al kan? Zo heel hoog in de boom. Purrr prrr.’

 

Ik geef haar een knuffeltje en vertel haar dat het zeker goed gaat komen. Ze zal met heel veel plezier gelezen worden, iedereen zal lief voor haar zijn en haar boodschap begrijpen. Want Spinnetje heeft een belangrijke opdracht. Net als Wondertje dat heeft. Ze gaat ze poezenliefde en poezenkennis verspreiden. Ze moet vertellen hoe bijzonder en hoe gevoelig katten zijn.

 

En hoe ze op aarde een belangrijke taak hebben. Onze poezenkindjes zijn immers onze beschermengeltjes, ons gestuurd door de Here om ons te helpen bij ons leven op aarde.

 

Als ik Donsjes boek, Wondertje en haar zusje, Spinnende Bengeltjes naast me zie liggen, dan doorstroomt me een groot geluksgevoel en ook een grote dankbaarheid naar Anne toe. Want echt waar, de tekeningen zijn zo levensecht en zo bijzonder prachtig. Het is toch een groot voordeel zo wonderschoon de wereld in te trekken. Het avontuur tegemoet.

 

Het is met heel veel plezier en trots dat wij, de poezenkindjes en ik, je hierbij ons boek aanbieden. We hopen zo dat je het met heel veel plezier zult lezen. Met evenveel plezier als waarmee wij het geschreven hebben. Heel veel lieve spinnende groetjes van ons 7tjes Pudje, Donsje, Mickje, CAtje, DAimke, Chummeke en Marg